eiswuerfelprinzip

Hoe werkt het?

De rotor in de PowerBall draait om een as, terwijl deze as haaks op die eerste beweging draait in het binnenste van de PowerBall. Stel je een glas water voor, met een grote ijsklont die ronddraait om een denkbeeldige as. Als je het glas nu in de hand heen en weer draait zal de ijsklont een tweede beweging gaan maken, namelijk links en rechtsom om de (ook denkbeeldige) as van het glas.

Deze beweging veroorzaakt het schrapende geluid dat verraadt dat de as van de rotor in beweging is in het hart van de PowerBall. Door de PowerBall steeds sneller heen en weer te draaien zal de rotor meer toeren maken. Het geproduceerde 'gejank' klinkt als muziek en zweept je op om sneller te draaien. Wie graag een echte 'huil' wil horen doet er goed aan te kiezen voor de PowerBall Regular. Wie kiest voor mooi zoekt een Amber Light of Blue Light uit. De laatste twee zijn namelijk voorzien van leds die meer licht geven naarmate de rotor sneller draait. Als je wilt opvallen ga je midden in een volle kantine of disco staan en vraagt of het licht uit mag. Gegarandeerd dat je de rest van de avond niet meer alleen staat!

De PowerBall werkt zonder batterij. Hij wordt aangedreven door louter spierkracht. In het hart van de PowerBall bevindt zich een 200 gram zware rotor. Als die in beweging wordt gebracht ontstaat een draai-impuls om de as. Dat is een beetje te vergelijken met fietsen: hoe sneller de beweging hoe stabieler. Bij toenemende snelheid is meer kracht nodig voor een stuurbeweging.

In het binnenste van de PowerBall bouwt de rotor ook een stabiliteit op die wordt veroorzaakt door het traagheidsmoment (de draaiende massa is circa 2 centimeter van de as geplaatst) en de draaisnelheid. De gebruiker probeert nu de rotor en de as zijwaarts te kantelen en oefent daarbij een draaimoment op de rotor uit. De rotor reageert hier op met een tegenbeweging om weer rechtop te komen. Dat is wat er gebeurt als je een autoband voor je uit rolt. Als de snelheid afneemt dreigt de band te vallen, maar richt zich meteen weer op. De bewegingen worden steeds groter, tot de band plat valt. Die tegenbewegingen zijn trouwens veel sterker dan je in eerste instantie zou denken. Bij 16.000 omwentelingen per minuut worden krachten opgewekt die wel 80 keer zo groot zijn als het eigen gewicht van de rotor. Dat betekent dus zo'n 16 kilo!