Verschillende meetmethoden

Hieronder vindt u een overzicht met een beknopte beschrijving van de belangrijkste methoden om lichaamsvet te meten. Het is een vertaald uittreksel van *Tanita's publicatie "Understanding body fat analysis".

 

!
Klik hier

De BIA-methode (traditionele)

De BIA-methode (Bioelectrical Impedance Analysis) meet de elektrische weerstand (impedantie) van het lichaam, waardoor vervolgens het lichaamsvetpercentage kan worden berekend. De BIS-methode kent twee varianten. De eerste is de traditionele, waarbij de gemeten persoon op een bank ligt en op een pols en ontblote enkel elektroden wordne geplaatst.

Eerst wordt op de huid op de plaats van de elektroden een speciale gel aangebracht. Als de elektroden zijn bevestigd kan de meting worden uitgevoerd. Handmatig moeten vooraf de persoonlijke gegevens worden ingevoerd in het apparaat, zoals gewicht, geslacht en lichaamslengte. Tijdens de meting wordt een zwakstroomsignaal via de ene elktrode door het lichaam naar de andere elektrode gestuurd. Vet biedt een hoge weerstand aan zo'n elektrisch signaal. terwijl het lichaamsvocht in vlees- en spiermassa het signaal daarintegen gemakkelijk geleiden.

Deze methode is vrij nauwkeurig, maar er is wel een aantal voorwaarden om de grootst mogelijke nauwkeurigheid te bereiken. Omdat de hoogte van de impedantie omgekeerd evenredig is met de hoeveelheid lichaamsvocht, is het belangerijk dat de te meten persoon een gemiddelde hoeveelheid lichaamsvocht heeft. Heeft hij of zij tot kort voor de meting bijvoorbeeld zware lichaamelijke inspanning gedaan of een sauna bezocht, dan is er veel vocht verloren door transpiratie. Heeft de persoon daarintegen net veel gedronken en/of gegete, dan is er juist meer lichaamvocht aanwezig dan gemiddeld. Daarom is het belangrijk om metingen steeds onder dezelfde omstandigheden te doen. Ook alcohol en veel koffie (caffeïne) kunnen de meting beïnvloeden.

Klik hier

De huidplooimeting

De huidplooimeting is momenteel de meest toegepaste methode. Daarbij wordt op 3 tot 7 (vaste) plaatsen van het lichaam de dikste van een huidplooi (met het eronderliggende vet) gemeten met een speciaal daarvoor ontwikkeld handapparaat, dat de vorm heeft van een soort tang. Het gemiddelde van de meting wordt via een tabel omgezet in het lichaamsvetpercentage.

 Deze methode wordt zo algemeen toegepast omdat hij niet duur en gemakkelijk en overal te gebruiken is. Toch  is deze methode minder aangenaam, omdat op meerdere plaatsen in de huid moet worden "geknepen" om een meetresultaat te kunnen verkrijgen. Daarbij komt, dat het resultaat sterk afhangt van de persoon, die de meting verricht, en van de kwaliteit van het apparaat, dat in verschillende prijsklassen op de markt is.

Bovendien geldt, dat hoe meer lichaamsvet de te meten persoon heeft, hoe moeilijker het wordt om nauwkeurige metingen met de huidplooitang te doen. de huidplooimeting resulteert in het algemeen in een vrij grove benadering van het exacte vetpercentage.

Als referentie is ook hier de onderwaterweegmethode gebruikt.

Klik hier

De DEXA - methode

De DEXA (Dual Energy X-ray Absorptiometry) is een relatief nieuwe techniek die zeer accuraat en nauwkeurig is. DEXA scheidt het lichaam in 3 delen, namelijk mineralen, vetvrije massa en vetweefsel. De te meten persoon ligt hierbij op een tafel, waaronder 2 lage dosis-röntgenapparaten zijn geplaatst.

Boven de persoon bevindt zicht de detector, die het gehele lichaam in stapjes van een halve centimeter scant. Op deze wijze worden de botten en zacht weefsel gelijktijdig gescand, dat ongeveer 10 tot 20 minuten kan duren.

Hoewel de persoon in kwestie onbeweeglijk stil moet blijven liggen, is deze methode verder niet belastend voor haar of hem. De DEXA-methode is buitengewoon betrouwbaar, maar ook hier geldt weer dat er zeer dure apparatuur en vakkundig personeel voor nodig is, zodat hij alleen in gezondheidsinstituten en ziekenhuizen wordt gebruikt.

Klik hier

De Onderwaterweegmethode

Bij de onderwaterweging wordt de densititeit (compactheid) van het lichaam vastgesteld door bepaling van het volume volgens de wet van Archimedes. Deze wet zegt dat een object, dat in water wordt ondergedompeld, een opwaartse kracht ondervindt, die gelijk is aan het gewicht van het verplaatste water

De te meten persoon wordt eerst "droog" gewogen en dan laat men haar of hem aan een weegconstructie in een met water gevulde tank zakken. Door middel van stndaardformules worden het volume en de densiteit berekend, met behulp van het verschil tussen het "droge" gewicht en het gemeten gewicht onder water. Omdat het soortelijk gewicht van het vet lichter is dan dat van botten, vlees en spiermassa, zal iemand met veel lichaamsvet onder water relatief minder wegen dan iemand met weinig lichaamsvet. Het verschil tussen "droog" gewicht en  "onderwatergewicht" zal dus groter zijn.

Deze methode wordt algemeen beschouwd als één van de nauwkeurigste, maar is niet erg praktisch om algemeen bij veel personen te worden toegepast. Ten eerste omdat de installatie erg duur en er speciaal opgeleid personeel voor nodig is, maar ook omdat van de te meten persoon nogal veel wordt verlangd. Hij moet alle lucht uit zijn longen blazen en korte tijd met ingehouden adem muisstil onder water blijven. Dat is voor sommige mensen (met b.v. watervrees of een ziekte aan de luchtwegen) een zeer moeilijke opgave. Alles bij elkaar duurt de totale meting wel 15 minuten tot een uur(!), dus even veel personen meter is hier niet bij!

De Tanita BIA-methode is uitvoerig vergeleken met deze methode, waarbij de conclusie was dat de resultaten van beide methodes nagenoeg gelijk zijn.

Klik hier

De BIA-methode van Tanita

De tweede variant is de BIA-methode van Tanita, waarvan de meetprincipes gelijk zijn aan die van de traditionele BIA-methode. De Tanita BIA-methode is echter de meest eenvoudige en snelste van alle huidige methoden en geeft het minste ongemak.

Als de te meten persoon met blote voeten op de voetelktroden van het weegplateau gaat staan, wordt er een niet voelbaar en ongevaarlijk zwakstroomsignaal door het lichaam gestuurd. Zoals gezegd biedt lichaamsvet een hoge weerstand aan zo'n elektrisch signaal, terwijl het lichaamsvocht in vlees- en spiermassa het signaal gemakkelijk geleiden.

Ook hier wordt vooraf de lichaamslengte en het geslacht ingegeven en kan de gemeten weerstand samen met de persoonlijke gegevens in een formule wordne bewerkt, met als resultaat het vetaandeel in procenten van het totale gewicht van de gemeten persoon.

De Tanita rekent dit direct na de meting razendsnel uit, zodat het na enkele seconden in het display kan worden afgelezen. Gemakkelijk en sneller is eigenlijk niet mogelijk, terwijl het meetresultaat altijd reproduceerbaar is! dat wil zeggen, dat bij meerdere keren direct na elkaar meten men steeds vrijwel dezelfde waarde als uitkomst zal krijgen.

Als referentie voor beide BIA-methoden is eveneens de onderwaterweegmethode gebruikt. Daarbij zijn veel vergelijkende metingen gedaan met beide systemen, waarbij ten opzichte van de onderwaterweging nauwelijks verschillen konden worden geconstateerd.

Tot zover een aantal verschillende meetmethoden. Er zijn nog andere methoden, die echter minder succesvol zijn of alleen op kleine schaal worden toegepast. Deze laten we hier verder buiten beschouwing